Mijn leven is net een achtbaan. Het ene
moment ga ik omhoog en kan ik genieten. Het volgende moment stort ik
keihard naar beneden, maar er zijn ook momenten dat de achtbaan
rechtdoor gaat. Klaar voor de vrije val naar beneden, of voor een ritje
naar boven. Het is altijd maar afwachten, welke kant de achtbaan deze
keer weer op gaat. Gaan we rechtdoor, vallen we naar beneden of gaan we
naar boven? Het is keer op keer, dag voor dag, een verassing welke route
de achtbaan neemt. Ik weet het niet, en dat is hetgene wat zo
gigantisch frustreert. Ik wil controle hebben over de rit van die dag,
en die heb ik niet. Dat is precies het probleem, ik heb geen controle
over mijn gevoel.
Controle, dat is iets wat ik nodig had.
Ik denk dat het overigens iets is wat velen nodig hebben, iedereen vindt
controle op een andere manier. Ik vond controle door middel van
zelfbeschadiging. Ik werd rustiger in mijn hoofd, ik voelde me misschien
zelfs gelukkig. Toen leek het overigens nog zo onschuldig. Is het een
verslaving? Ik vond van niet, achteraf gezien had ik het natuurlijk mis.
Het ging van kwaad tot erger. Van een
kleine (schaaf)wond tot een wond die gehecht moest worden. Ik merkte aan
mezelf dat ik steeds meer nodig had om het juiste effect te bereiken.
Meer bloed en diepere wonden. Het moest steeds erger, het moest steeds
meer. Dat moest, van mezelf.
Wanneer ik het deed voelde ik me goed. Ik
kon oprecht lachen, ik kon zelfs genieten. Ik maakte grapjes, en voelde
me voor korte tijd goed. Het gevoel van geluk, dat was verslavend. Op
de momenten dat ik mezelf beschadigde, kon ik me uiteraard focussen op
de pijn die ik lichamelijk voelde. Maar daarnaast werd er ook endorfine
aangemaakt door mijn lichaam. Natuurlijke gelukstofjes, deze stofjes
zorgden er voor dat mijn emotionele achtbaan weer omhoog ging.
Een prettig gevoel was dat, wanneer mijn
achtbaan omhoog ging. Tegelijkertijd was het beangstigend. De achtbaan
ging omhoog, maar dat betekende dat hij ook snel weer naar beneden ging.
Het gevoel van geluk kon niet voor eeuwig duren, en wanneer ik mezelf
weer begaf in een vrije val naar beneden, had ik meer nodig. Meer pijn,
meer wonden, meer bloed. Om weer omhoog te gaan, om me weer goed te
voelen.
Voor mij voelde het nooit als een
probleem, de automutilatie. Ik had het nodig. Maar misschien was dat
juist het grootste probleem, dat ik het niet als een probleem zag. Toch
wil ik er graag vanaf. Wil ik de drang de baas zijn, de verslaving
overmeesteren. Ik wil op een goede manier controle hebben over mijn
dagelijkse achtbaanrit. Ik wil de rit graag stabiel houden, zonder dat
ik dit daar voor nodig heb. Ik wil kunnen lachen en gelukkig kunnen
zijn. Ik wil mijn gevoel onder controle hebben.
Op dit moment is het een strijd. Een
dagelijks gevecht. De ene dag win ik het gevecht, en de andere dag
verlies ik het gevecht. Mijzelf beschadigen is jaren lang mijn rots in
de branding geweest, ik kon hier altijd op terugvallen. Maar het is mooi
geweest, ooit komt er een dag dat ik vaarwel zeg.
Het is een zwaar gevecht, zo eentje
waarbij het eerst honderd keer mis gaat voordat ik mijn doel bereik.
Maar ik kom er wel, ook al is het met gigantische omwegen. Ik zal
vechten, tot het einde van de tunnel in zicht is. En tot die tijd,
probeer ik het onderwerp bespreekbaar te maken. Loop ik rond in korte
mouwen, maar accepteer ik mezelf vooral voor wie ik ben. Mijn littekens
horen bij mij, ze maken mij tot de persoon die ik in de loop der jaren
geworden ben.
Mijn leven is net een achtbaan. Een wilde
achtbaan, waar veel mensen misselijk van worden. Het ene moment zit het
leven vol prachtige ervaringen, en het volgende moment lijkt alles
verdwenen te zijn.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten